'Alleen zeer actieve fondsen verslaan index'

Alleen fondsmanagers die zeer sterk afwijken van de index die ze aanhouden, verslaan deze benchmark. Dat is ook het geval na aftrek van (transactie)kosten en managementvergoeding.

Dat stelt Antti Petajisto, een Amerikaanse onderzoeker die samen met de Nederlandse hoogleraar Martijn Cremers, wetenschappelijk onderzoek doet naar active share.

Hierbij gaat het om de mate waarin een belegger van de index durft af te wijken. De onderzoekers bepleiten een active share van ten minste 80 procent.

Cremers en Petajisto hebben onderzoek gedaan naar de active share van Amerikaanse aandelenfondsen voor de periode tot 2003. Petajisto heeft de jaren tot 2009 er nu aan toegevoegd.

Hoge volatiliteit
Uit het nieuwe onderzoek blijkt dat zeer actieve managers ook in de periode 2008-2009 de index duidelijk verslaan. Feit is echter dat steeds meer fondsmanagers vanwege de hoge volatiliteit er voor kiezen dichter bij de index te blijven.

Deze zogenoemde ‘closet indexers’ — hetgeen ten minste 30 procent is van het totale aantal fondsen — verslaan de index zelfs vóór aftrek van kosten doorgaans niet.

Managers die een hoge active share hebben, behalen voor aftrek van kosten gemiddeld een outperformance van 2,61 procent. Na de kostenafslag en de managementfee is dat een plus van 1,26 procent.

Managers die er een gediversificeerde portefeuille op nahouden doen het beter dan managers die een geconcentreerde portefeuille voeren.

Kredietcrisis
De kredietcrisis van 2008 deed actieve managers pijn: ze bleven gemiddeld 3,15 procent achter bij de benchmark, in 2009 deden ze het gemiddeld 2,31 procent beter.

Petajisto stelt op basis van zijn onderzoek dat beleggers die een beleggingsfonds willen aanschaffen sterk moeten kijken naar de mate waarin een actieve manager actief is: hoe meer hij afwijkt van de index, hoe groter de kans op outperformance.

Petajisto raadt aan actieve stockpickers te kiezen, of die fondsen te combineren met indextrackers. ‘Met andere woorden: beleggers moeten kiezen uit de twee extremen van active share’, schrijft hij in zijn conclusie.

Closet indexers
Fondsen die beperkt actief management voeren, leveren niet voldoende waarde om de kosten te compenseren.

Over deze ‘closet indexers’ geeft Petajisto een hard oordeel: ‘Dergelijke fondsen die heel dicht bij de index blijven, zijn buitengewoon slecht. Het is zo goed als zeker dat deze fondsen na aftrek van kosten achterblijven bij de index.’

Als voorbeeld noemt Petajisto het Fidelity Magellan fonds van Peter Lynch dat de S&P 500 tussen 1980 en 1990, bij een active share van 90 procent, met 150 procent versloeg.

Toen Robert Stansky in 1996 het beheer op zich nam, nam de active share af tot 30 procent en bleef het fonds 1 procent achter bi j de index.

Diens opvolger verhoogde de active share tot 80 procent en stond juni 2008 op een outperformance van 6 procent. Door de kredietcrisis van later dat jaar viel hij echter sterk terug.

Bron: Fondsnieuws

2012-04-27
'Rabo zet Robeco in etalage'

Rabobank heeft zijn vermogensbeheerder Robeco in de verkoop gezet. Met de opbrengst wil de coöMeer...

2012-04-27
‘Klagende beleggers blijken niet geschikt voor vermogensbeheer’

Door de neerwaartse conjunctuur krijgt klachteninstituut Kifid veel klachten binnen over vermogensMeer...